Langs het tuinpad van mijn vader bloeide gezond verstand *column*

Vanochtend wandelde ik langs het tuinpad van mijn vader. Alles lijkt net als toen: Hoge bomen, wuivend riet. De gieken van de hijskranen waarmee hij de wereld veroverde steken fier een eindje in de lucht. Bij de stikstofcrimineel-die-wij-vroeger-boer noemden, haalt een loonwerker de sloot uit met zijn Atlas. Een nieuwer model van de graafmachine waarmee mijn vader als jongen van 15 werkte in De Peel. Hij zat daar in de kost – 150 kilometer van huis – om het land op te bouwen, terwijl zijn vader thuis de tuinderij bestierde.

Nietsvermoedend liggen de koeien in de wei lui het sappige poldergras te herkauwen, daar waar ik geboren ben. De zwart-witte stikstofbommen mogen nog heel even koe zijn, zolang de boer het uitkoopvoorstel niet accepteert. De loonwerker wordt achtervolgd door een zwerm ooievaars. Ze scharrelen in de PFAS-bagger naar eten, in de ingestorte biodiversiteit. Best bijzonder, in mijn jeugd was het beest hier vrijwel uitgestorven. Vandaag vormt de ooievaar een plaag in mijn geboortedorp.

Maar het is nooit genoeg voor de redders van de planeet. Waar langs het tuinpad van mijn vader vroeger het gezonde verstand bloeide, regeren nu de modellenmakers, de papieren tijgers, de moraalridders, die in elke voedselmaker een misdadiger zien die uitgeroeid moet worden. Praktijkkennis wordt weggehoond door ambtenaren die geloven in een maakbare wereld, op papier te ontwerpen en te voorspellen.

Ingenieurs die nooit op de Noordzee kwamen, rekenden veilig in hun kantoortuin uit dat je daar een groot zonnepark kunt laten drijven. Iedere visser voorspelde wat binnen een maand gebeurde: de brokstukken van de ‘groene energie’ spoelden aan op de Noord-Hollandse stranden. Stranden en duinen die volgens het RIVM vergeven zijn van stikstof. Dat is een rekenfout, professor Han Lindeboom wees ze er jaren geleden al op. Maar de modeldenkers denderen door.

Verdacht

Lindeboom legt deze week in de krant weer uit dat het stikstofprobleem een Nederlandse ziekte is. Eenvoudig op te lossen door de landsgrens een stukje te verleggen. Als wij bij Duitsland hoorden was er niets aan de hand. Konden boeren gewoon nieuwe stallen bouwen, nog diervriendelijker ook.

Maar Lindeboom is een generatiegenoot van mijn vader. En die sterven uit. Hun kennis sterft uit, hun weerbaarheid tegen de manipulatiemaatschappij sterft uit. Ze worden door beleidsmakers niet op waarde geschat als wandelende encyclopedieën vol ervaring, maar gezien als verwarde oude mannen, niet serieus te nemen. Verkeerde kleur, verkeerde geslacht, verkeerd bouwjaar, verkeerde mening.

Het tuinpad van mijn vader is verdacht geworden. In de Volkskrant las ik dat je het lied van Sonneveld eigenlijk niet eens meer mag zingen. Want: ‘in tijden van klimaatcrisis en oorlog is de hang naar nostalgie niet altijd gevaarloos. Populisten spelen daarop in’.

Zal best. Maar we draaiden het vorige week toch. Op de crematie van mijn vader. 

Scroll naar boven